dinsdag 30 december 2025

Doorgaan met scherven

Scherven brengen geluk maar vind ik niet altijd mooi. Als kunstenaar Bouke de Vries me hier in Leeuwarden met veel nadruk wil laten delen in zijn fascinatie voor scherven heb ik daar moeite mee. Maar er is een rotsvast geloof in mij dat er ook voor mij een toegang is tot zijn kunst.

Zo sta ik voor een klok, een afbeelding van een klok, op keramieken tegels. Een tegel ontbreekt. Blijkens de toelichting had op deze zwarte plek een filmpje moeten spelen. Maar het filmpje doet het niet. Er is nu die zwarte plek. Triomf komt in me boven, lichte, subtiele triomf. Een onbedoelde fout die licht werpt op het schervenwerk! Zo kan ik alsnog vrede hebben met de retorische aanval van De Vries!

Zo functioneert de filosofie meestal als ik naar kunst kijk. Ik ontdek op metaniveau een idee dat haaks staat op de idee zoals die is verwoord. Zo eigen ik me het kunstwerk toe, het wordt nu echt iets van mij. Ik kan nu zeggen: de fascinatie voor scherven komt voort uit een tegenspraak. De scherf mag niet gewoon een scherf zijn, maar moet deel worden van een volmaakt kunstwerk. De scherf mag niet lelijk zijn, maar moet mooi worden. En dankzij de fout op metaniveau, het niet-werkende filmpje, kan het kunstwerk weer mislukt worden, en daarmee de scherf de scherf.

Mijn moeder overleed in 2001 aan aneurysma van haar hartslagaders, een scheuring van de aderwand op een plaats die altijd al kwetsbaar moet zijn geweest. Mijn moeder was op haar manier een schervenpot, de kwetsbare plek was deel van mijn moeder totdat die scheuring optrad. Het past bij het beeld van mijn moeder met haar disclaimers. Als ze gekookt had en de schaal op tafel zette, zei ze erbij wat er fout was gegaan. Mijn vader spotte daar graag mee: 'Bescheidenheid is de wens om tweemaal geprezen te worden, eenmaal om wat er minder is, en eenmaal om je bescheidenheid.'

Een aanwijzing dat mijn moeder hier in het spel is, is ook de verzameling van De Vries van geborduurde versies van het melkmeisje van Vermeer. De Vries zocht op markten naar voorwerpen zoals de melkkan, uit de tijd dat het melkmeisje actief was. Die voorwerpen reconstrueerde De Vries, en zette ze in doorzichtige kastjes op bijzondere pootjes.

De parallel met mijn blogs in deze serie tekent zich af. Ik verzamel herinneringen aan mijn moeder en bedenk er iets bij, alsof het borduurwerkjes naar Vermeer zijn die moeten worden teruggevoerd naar hun waarheid. Het is alsof een geest me maar hints blijft geven voor de oplossing van het raadsel. Waarom zijn die onvolkomenheden, fouten, scherven zo belangrijk? Waarom moet ik het bestaan van mijn moeder rechtvaardigen?

Wat me het meest hindert aan die schervenesthetiek is dat ze extra mooi zouden zijn. Waar ik in mee kan gaan is de poging van De Vries om de scherven te gebruiken als deel van de geschiedenis der dingen. Goed, er zijn scherven. Die kun je weggooien of zelfs lijmen en de breuklijnen wegtoucheren. Maar je kunt de scherven ook inzetten als deel van de geschiedenis. En die gaat door. Je borduurt voort met wat er is, op wat er is. Er is maar één moeder, en wat ik ben is voortborduursel.

Memento mori, Bouke de Vries, 2014

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Het epithalamium van James Joyce

Mijn moeder was eenvoudig, en dat kon mijn vader wel waarderen. Ze kwam van een boerderij, maar had verschillende talenten en het leven spee...